Site Overlay

Maria-oord Oud Loosduinse begraafplaats Eik en Duinen

Laatste update: 4 februari 2026

De Mola-legende  sloeg aan in Noordelijk Nederland en genereerde tal van bedevaart- en pelgrimstochten waarbij het vermaarde tuinderscentrum wel bij voer in stoffelijk opzicht. Want ze leidde tot meerdere bedetochten vanuit alle windstreken. Zoals de geschiedenis van de Mariakapel op Eik en Duinen ons leert. Het is een fascinerend verhaal dat teruggaat tot de 13e eeuw. Het is een plek waar religie, adel en volksgeloof samenkomen. Hierna volgt de historische herleiding van de kapel. De oorsprong van het bedehuis ligt in de 13e Eeuw. De kapel werd rond 1247 gesticht door Graaf Willem II van Holland. Volgens de overlevering deed hij dit ter nagedachtenis aan zijn vader, Graaf Floris IV, die bij een toernooi in Frankrijk om het leven was gekomen. Het was een capella quarta, dus een kerk waar maar een beperkt aantal sacramenten kon worden bekomen en waar geen mis werd gelezen waarna je ook kon communiceren met de heilige hostie die aan communiebanken werd uitgedeeld. Maar wel kon je er een regelmatige en geldige uitvaart bestellen en het laatste oliesel bekomen, ook wel de ultieme ziekenzalving geheten. Dan was je zeker dat je ziel niet naar de hel ging en dat ze ook niet ging spoken. Dat was in de middeleeuwen geweldig belangrijk, echt een zaak van publieke volksgezondheid. Spoken waren een realiteit, net als heksen, bij wie hier de duivel ook kon worden uitgedreven.

Begraafplaats Eik en Duinen

Het was een simpel kapelletje, maar wel met kruisweg. DAarbij kon je de staties van Christus ‘lijden volgen als penitentie na de absolutie in de biecht. Architectuur: Het was een romaans-gotisch gebouw, opgetrokken uit kloostermoppen. Locatie: De kapel stond op een strategische en rustige plek in de duinen, net buiten het toenmalige Den Haag en bij het nederige dorp Loosduinen. Dat moeizaam floreerde. Daarom was de bloei als Bedevaartsoord: 14e en 15e eeuw zo belangrijk. Zie vorige blog. In de late middeleeuwen ontwikkelde de kapel zich tot een van de belangrijkste Mariabedevaartsoorden van Holland. De legende: Men geloofde dat een bezoek aan de kapel genezende krachten had, vooral voor blinden en kreupelen. De Adel: Niet alleen het gewone volk, maar ook de graven van Holland (zoals Albrecht van Beieren) bezochten de kapel regelmatig om te bidden en offers te brengen. De Reformatie betekende de ondergang in de 16e eeuw. Maar de bedevaarten bleven stiekem toch doorgaan. De volksdevotie bleek onbedwingbaar en Holland bleef katholieker dan de Staten van Holland wilden, de regering dus. Met de komst van de Reformatie veranderde dus niet alles. In de strijd tegen het katholicisme en het “afgodische” karakter van bedevaarten, werd de kapel echter wel een doelwit. Van glazensmijterijen, baldadigheden en dronkemansgelag.

1581: De Staten van Holland gaven opdracht om de kapel grotendeels te slopen. Men wilde voorkomen dat katholieken er nog langer samenkwamen voor de mis. De Ruïne: Alleen een deel van de buitenmuren en de kenmerkende boog bleven staan. Sindsdien spreekt men van de “Ruïne van Eik en Duinen”. Ze is schilderachtig en spreekt tot de populaire verbeelding. De begraafplaats bleef intact: vanaf de  18e eeuw tot nu, al werd de kerkhofvrede niet meer geëerbiedigd tot leedwezen van velen. Hoewel de kapel een ruïne bleef, hield de plek een bijzondere aantrekkingskracht. Begraven in gewijde grond: Omdat de grond rond de ruïne nog als “heilig” werd beschouwd, wilden veel mensen daar begraven worden. Dit leidde tot het ontstaan van de begraafplaats Oud Eik en DuinenInspiratiebron: In de 19e eeuw werd de ruïne een geliefd onderwerp voor schilders van de Haagse School, vanwege de romantische en melancholische uitstraling van het verval in het landschap. Onze gidsen zullen u daarover uitvoerig op locatie verhalen. Nog tijdens de boottochten naar deze plek van devotie, vervoering en herinnering,  mocht u deze transportwijze prefereren.  De huidige status van het bedeoord is opmerkelijk. Vandaag de dag is de ruïne van de Mariakapel een Rijksmonument. Het vormt het sfeervolle middelpunt van de begraafplaats. Hoewel het dak en de ramen al eeuwen verdwenen zijn, herinneren de overgebleven muren nog altijd aan de grandeur van het middeleeuwse Hollandse graafschap. De bakermat van onze staat. Veel meer dan de Ridderzaal in centrum–Den Haag. Dat was vaker een loterijkantoor, een opslagplaats en een handelscentrum dan ‘slands vergaderzaal gewijd aan hetgeen Nederlanders verbindt.