Site Overlay

Het Mola-wonder: geloof en bijgeloof in Loosduinen

Laatste update: 11 februari 2026

Het wonder van Loosduinen: van heilige sensatie naar medisch mysterie

Het “Wonder van Loosduinen” is een van de meest hardnekkige en beroemde legenden uit de Nederlandse geschiedenis. Het verhaal van gravin Margaretha van Henneberg, die in 1276 maar liefst 365 kinderen op één dag gebaard zou hebben, klinkt ons nu in de oren als een absurd sprookje. Toch zit er achter dit wonderlijke verhaal een fascinerende verklaring die de legende in een heel ander licht plaatst.

Wonderen als verdienmodel

Voordat we in de medische details duiken, is het belangrijk om de tijdgeest te begrijpen. In de middeleeuwen (en eigenlijk tot ver in de 20e eeuw) was het voor een stad of dorp een enorme economische opsteker om te boek te staan als “wonderoord”.

In een tijd waarin geloof en dagelijkse realiteit naadloos in elkaar overliepen, betekende een wonder direct inkomsten. Wonderen trokken pelgrims, en pelgrims hadden behoefte aan logies, eten en souvenirs. Het was dus niet alleen een kwestie van zieltjes winnen, maar vooral van “poen in het laadje”. Ook na de Reformatie deed Loosduinen er alles aan om deze status als trekpleister te behouden.

De Mmedische verklaring: De Mola-zwangerschap

Medici die de legende hebben bestudeerd, zoals de Zweedse arts Jan Bondeson, wijzen bijna unaniem naar een specifiek ziektebeeld: de mola-hydatidosa, ook wel bekend als een druiventroszwangerschap.

  • Wat gebeurt er? Bij een mola-zwangerschap gaat er tijdens de bevruchting iets mis. Er ontwikkelt zich geen embryo, maar het weefsel dat de placenta had moeten worden groeit ongecontroleerd door.

  • Het uiterlijk: Dit weefsel vormt honderden kleine, met vocht gevulde blaasjes. Het resultaat ziet eruit als een tros witte druiven of honderden vleeskleurige bolletjes.

  • De link met de legende: In de 13e eeuw was deze medische kennis er simpelweg niet. Wanneer een vrouw een mola “baarde”, zag men honderden kleine bolletjes aan voor piepkleine, onvolgroeide mensjes.

  • De afloop: Een mola-zwangerschap gaat vaak gepaard met infecties en hevige bloedingen. Dit verklaart waarom gravin Margaretha kort na de “bevalling” overleed.

Een historisch “kalendergrapje”

Naast de medische duiding is er een interessante historische theorie over het getal 365. In de 13e eeuw hanteerde men in Holland de Paasstijl: het nieuwe jaar begon niet op 1 januari, maar op Pasen.

De gravin beviel op Goede Vrijdag, 26 maart 1276. In die specifieke jaartelling waren er op dat moment nog maar enkele dagen over tot het einde van het jaar. Historici vermoeden dat de oorspronkelijke uitspraak was dat zij “zoveel kinderen kreeg als er dagen in het jaar over waren” (slechts een paar dus). In de loop der eeuwen is dit in de volksmond veranderd naar “zoveel dagen als er in een vol jaar zitten”.

De Legende in het kort:

Volgens de overlevering bespotte de gravin een arme bedelares die een tweeling had. Margaretha beweerde hoogmoedig dat een vrouw nooit twee kinderen van dezelfde man kon krijgen. De bedelares vervloekte haar vervolgens: de gravin zou zoveel kinderen baren als er dagen in het jaar waren. Alle kinderen (de jongens genaamd Jan, de meisjes Elisabeth) werden gedoopt in twee koperen bekkens die tot op de dag van vandaag in de Abdijkerk van Loosduinen hangen.

Zelfs na de overgang naar het protestantisme bleven deze bekkens – wonderlijk genoeg – symbool staan voor Gods ingrijpen in de geschiedenis. Tijdens onze wandeltochten vertellen onze gidsen u hier graag nog meer over!

Bron: https://gerardstrijards.nl/mola-wonder-en-bijgeloof-te-loosduinen/