Site Overlay

Loosduinse Abdijkerk en Madestein

De Abdijkerk van Loosduinen staat tegenwoordig als een baken van rust in een Haagse woonwijk, maar wie voor de witgepleisterde muren staat, kijkt recht in de ogen van de dertiende eeuw. Het is het oudste gebouw van Den Haag, een stenen getuige van de opkomst van het Graafschap Holland en de vroomheid van de middeleeuwse adel. De stichting ervan moest een monument van rouw, jurisdictie-aanspraken en macht opleveren. De achtkantige toren met Rijnlandse motieven is een Hollands unicum. Het verhaal begint rond 1230. Floris IV, Graaf van Holland, besloot samen met zijn vrouw Machteld van Brabant een Cisterciënzer vrouwenklooster te stichten. In die tijd was het stichten van een abdij niet alleen een daad van religieuze overgave; het was een strategische zet om het land te ontginnen, in Loosduinen vooral via bepoldering, bedijking, droogmakingen en bekwelderingen en aldus de grafelijke macht te consolideren.Toen Floris IV in 1234 tijdens een toernooi in het Franse Corbie om het leven kwam, bleef Machteld achter als drijvende kracht. Zij zorgde ervoor dat de kerk werd voltooid in de overgangsstijl van de romano-gotiek. Dit zie je vandaag de dag nog steeds aan de robuuste muren en de smalle, spitsboogvensters. De abdij groeide uit tot een welvarend instituut waar dochters uit de hoogste adellijke kringen werden ondergebracht. Het Wonder van de 365 Kinderen hoeft zich in dit klooster voorgedaan. De kerk verwierf immers in de late middeleeuwen internationale faam door een bizar verhaal: de legende van de gravin en de 365 kinderen. Volgens de overlevering zou Gravin Margaretha van Henneberg in het jaar 1276 een arme vrouw met een tweeling hebben afgeblaft.

Abdijkerk Loosduinen – Foto: Stichting Arcadisch Madestein

De vrouw vervloekte de gravin, waarna Margaretha op Goede Vrijdag beviel van maar liefst 365 piepkleine kinderen. Zij zouden allen tegelijkertijd zijn gedoopt door de bisschop in twee koperen bekkens en daarna, samen met hun moeder, zijn overleden. Hoewel dit medisch onmogelijk is (waarschijnlijk ging het om een mola-zwangerschap), werd Loosduinen een geliefd bedevaartsoord. In de kerk hangen nog steeds twee koperen doopbekkens en een schilderij die aan dit “wonder” herinneren. Zelfs de beroemde Britse dagboekschrijver Samuel Pepys kwam in de 17e eeuw naar Loosduinen om de plek van dit mirakel te aanschouwen. Waarschijnlijk heeft Margareta een volkomen vervormde, druiventrosachtige vrucht gebaard tengevolge van infecties aan haar baarmoeder die ook kraamvrouwenkoorts teweegbracht. Destijds bestond nog geen sepsis bij de medische kunde om een bevalling te vergemakkelijken, de zogeheten vroedkunde en is Margaretha daaraan overleden. De kerk zou getuige worden van vernietiging en wederopstanding. De bloeitijd van de abdij eindigde abrupt tijdens de Tachtigjarige Oorlog.

 

In 1574, tijdens het Beleg van Leiden, werd het klooster grotendeels verwoest door Staatse troepen om te voorkomen dat de Spanjaarden er een verschansing van zouden maken. Alleen de kerk bleef – zwaar beschadigd – overeind. Na de Reformatie veranderde de functie van het gebouw. De katholieke nonnen vertrokken en de kerk werd in 1579 een protestants gebedshuis. De pracht en praal van de Cisterciënzers maakte plaats voor de soberheid van de nieuwe leer. In de eeuwen die volgden, onderging de kerk diverse restauraties, waarbij de karakteristieke witte pleisterlaag werd aangebracht die het gebouw zijn iconische uiterlijk geeft. De kerk vandaag is middelpunt en plaats van hindering voor de Loosduiners. Tegenwoordig is de Abdijkerk uiteindelijk veel meer dan een monument. Het is een eiland van geschiedenis in een moderne stad. Wanneer je de kerk binnentreedt, valt de stilte op die er al acht eeuwen hangt. De dikke muren dragen de echo’s van zingende nonnen, biddende graven en nieuwsgierige pelgrims. De kerk herbergt bovendien een bijzonder orgel uit 1780, gebouwd door Joachim Reichner, dat nog steeds gebruikt wordt voor concerten. Het is de plek waar de geschiedenis van het oude graafschap Holland nog tastbaar is, diep geworteld in de klei van het Westland.