Laatste update: 2 april 2026
🏡 Waarom Vroondaal een “lastige” wijk is voor deelauto’s
1. đźš— Autogerichte wijk (heel belangrijk)
- Vroondaal is ruim opgezet met veel:
- vrijstaande woningen
- gezinnen
- weinig voorzieningen in de buurt
- Parkeernorm is hoog: ±1,8 parkeerplek per woning (Vroondaal)
👉 Dat betekent:
- De wijk is ontworpen voor autobezit
- Mensen hébben vaak al 1–2 auto’s
2. 🚉 Beperkt OV en voorzieningen
- OV-verbindingen zijn (nog) in ontwikkeling
- Weinig winkels / voorzieningen dichtbij
👉 Gevolg:
- Auto is geen luxe maar noodzaak
- Deelauto wordt dan:
- geen vervanging
- maar hooguit een aanvulling
3. 👨‍👩‍👧‍👦 Type huishoudens
In dit soort wijken zie je vaak:
- gezinnen met kinderen
- werk op verschillende locaties
- meerdere agenda’s tegelijk
👉 Praktisch gevolg:
- Eén deelauto is niet genoeg
- → tweede auto blijft nodig
⚠️ Wat we al zien in Den Haag (belangrijk signaal)
Er is ook kritiek vanuit de praktijk:
- Deelauto’s worden weinig gebruikt
- Soms maar 1 rit per dag per auto
- En er is geen bewijs dat mensen hun auto wegdoen (Hart voor Den Haag)
👉 En nog belangrijker:
- Er verdwijnen wél parkeerplekken voor deelauto’s
➡️ Dat is precies jullie zorg
🟢 Maar: er zijn ook voorbeelden waar het wél werkt
Bijvoorbeeld in andere Haagse wijken:
- 70 mensen delen daar 4 auto’s
- → minder auto’s in de straat (Den Haag)
Maar let op:
👉 Dat zijn dichte, oudere stadswijken met parkeerdruk
🔍 De kern: verschil tussen Vroondaal en “succeswijken”
| Factor | Vroondaal | Wijken waar het werkt |
|---|---|---|
| Dichtheid | Laag | Hoog |
| OV | Beperkt | Goed |
| Parkeerdruk | Relatief lager | Hoog |
| Auto nodig | Ja | Minder |
| Type huishouden | Gezinnen | Gemengd/stedelijk |
👉 Dit verschil is cruciaal.
đź§ Conclusie
âś… In Vroondaal gaan mensen:
- hun eerste auto niet wegdoen
- vaak ook hun tweede auto houden
âś… Alleen een initiatief zoals Deelauto.nl:
- gaat waarschijnlijk weinig effect hebben
✅ Zelfs met deelauto’s:
- wordt het eerder een extra optie, geen vervanging
⚖️ Wanneer zou het wél kunnen werken in Vroondaal?
Alleen als meerdere dingen tegelijk gebeuren:
- vaste, professionele deelauto’s (zichtbaar in de straat)
- parkeerdruk neemt toe (minder plekken / duurder parkeren)
- beter OV richting stad
- voorzieningen dichterbij
👉 Zonder die combinatie:
blijft autobezit dominant
🔚 Bottom line
In een wijk zoals Vroondaal:
👉 Deelauto’s zijn geen oplossing voor parkeerdruk
👉 Maar eerder een aanvullende service voor een kleine groep
Mensen stappen pas over als er een betrouwbaar, zichtbaar alternatief is dat hun eigen auto echt kan vervangen.
Er is in Nederland veel onderzoek gedaan naar het effect van deelauto’s op de parkeerdruk en het autobezit in woonwijken. Instanties zoals het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en kenniscentrum CROW-KpVV monitoren dit regelmatig.
De belangrijkste conclusies uit deze onderzoeken zijn:
1. Vermindering van het autobezit
Onderzoek toont aan dat mensen die structureel gebruikmaken van een deelauto, vaker hun (tweede) eigen auto wegdoen.
-
Vervangingsratio: Volgens het CROW vervangt één ‘klassieke’ deelauto (zoals Greenwheels of MyWheels) gemiddeld 4 tot 6 bestaande auto’s die daadwerkelijk worden weggedaan.
-
Preventief effect: Daarnaast zorgt de aanwezigheid van deelauto’s ervoor dat nog eens 5 tot 7 auto’s niet worden aangeschaft. In totaal kan één deelauto dus de plek innemen van 9 tot 13 privĂ©auto’s.
2. Effect op parkeerdruk en ruimte
De theoretische ruimtebesparing is aanzienlijk. Omdat één deelauto meerdere privĂ©auto’s vervangt, komt er per deelauto gemiddeld 37 tot 87 m² aan openbare ruimte vrij.
-
Kanttekening: In de praktijk is dit effect in bestaande wijken vaak pas merkbaar als de gemeente ook echt parkeerplaatsen opheft of vervangt door groen. Als de parkeerplaatsen blijven bestaan, worden ze vaak direct weer opgevuld door andere (bezoekers)auto’s.
3. Gedragsverandering (Minder kilometers)
Autodelers gaan anders naar mobiliteit kijken. Uit PBL-onderzoek blijkt dat:
-
Zij gemiddeld 15% tot 20% minder kilometers per jaar rijden dan toen ze nog een eigen auto hadden.
-
Zij vaker kiezen voor de fiets of het openbaar vervoer voor ritten waarvoor ze voorheen de auto pakten.
4. Kritische succesfactoren in woonwijken
Niet elke wijk is even geschikt. Onderzoek wijst uit dat het succes van autodelen in woonwijken afhankelijk is van:
-
Stedelijkheid: In dichtbebouwde steden (zoals Den Haag of Utrecht) is het effect veel groter dan in ruim opgezette buitenwijken of dorpen.
-
Parkeerbeleid: Als parkeren gratis en overvloedig is (zoals vaak het geval in wijken als Vroondaal), is de prikkel om de eigen auto weg te doen veel lager dan in wijken met betaald parkeren of vergunningen.
-
Betrouwbaarheid: Er moeten genoeg auto’s in de buurt staan; als de dichtstbijzijnde deelauto te ver weg is, houden mensen liever hun eigen auto “voor de zekerheid”.
Samenvattend: Onderzoek bevestigt dat autodelen de potentie heeft om de parkeerdruk te verlagen, maar dit effect is in “auto-vriendelijke” wijken vaak een stuk kleiner dan in het stadscentrum. Zonder aanvullende maatregelen (zoals het verminderen van het aantal parkeerplaatsen) blijft het vaak een extra optie naast de eigen auto, in plaats van een vervanging.
